Naar de inhoud

Overwaarde berekenen: de som en de valkuilen

Uw overwaarde berekent u als de marktwaarde van uw woning min de openstaande hypotheekschuld. Bij een woning van €420.000 en een schuld van €60.000 is de overwaarde €360.000. Wat u daarvan werkelijk kunt opnemen is altijd minder, omdat elke route een eigen maximum en eigen kosten kent.

Overwaarde = marktwaarde min hypotheekschuld.

De som

Neem de marktwaarde van de woning en trek daar de actuele hypotheekschuld van af. Sta een tweede lening of een krediethypotheek op de woning, tel die er dan bij op.

Voorbeeld: marktwaarde €420.000, hypotheek €60.000, krediethypotheek €15.000 waarvan €9.000 opgenomen. De overwaarde is dan €420.000 min €69.000, dus €351.000.

Welke waarde u invult

Gebruik de marktwaarde vrij van huur en gebruik: het bedrag dat de woning leeg en ontruimd zou opbrengen. Dat is de waarde waar geldverstrekkers en kopers mee rekenen.

De WOZ-waarde is een peildatumwaarde van 1 januari van het voorgaande jaar en loopt dus achter. Voor een eerste indruk is hij bruikbaar; voor een gesprek met een aanbieder heeft u een taxatie of een recente NVM-referentie nodig.

Meer over dit onderwerp

Klik een onderwerp open dat u wilt lezen.

Van overwaarde naar opneembaar bedrag

Bij een hypotheekverhoging bepaalt uw inkomen de ruimte. Bij een opeethypotheek geldt een leeftijdsafhankelijk maximum. Bij verkopen en terughuren ontvangt u de koopsom, maar die ligt 10 tot 30 procent onder de marktwaarde.

Reken vervolgens de eenmalige kosten af: taxatie €500 tot €800, advies €2.000 tot €3.500 bij krediet, notaris €800 tot €1.500. Bij verkoop komt daar de courtage bij, doorgaans 1 tot 1,5 procent.

Stap-voor-stap: uw overwaarde berekenen

Begin met een actuele waardebepaling. Vraag een gratis waardeberekening bij een makelaar of gebruik een recente taxatie. Trek daarvan de openstaande hypotheekschuld af, inclusief eventuele tweede hypotheken of kredieten.

Het resultaat is uw bruto overwaarde. Dat is nog niet het bedrag dat u kunt opnemen. Trek de kosten af en houd rekening met de limieten van de route die u overweegt.

  • Bepaal de marktwaarde, niet de WOZ-waarde.
  • Noteer de openstaande hypotheekschuld.
  • Tel eventuele andere schulden op de woning op.
  • Trek de eenmalige kosten af.
  • Houd rekening met de route-specifieke limiet.
Valkuilen bij het berekenen

De grootste valkuil is het gebruik van de WOZ-waarde. Die loopt achter en kan 5 tot 15 procent lager liggen dan de marktwaarde. Daardoor denkt u meer overwaarde te hebben dan u daadwerkelijk kunt opnemen.

Een tweede valkuil is het vergeten van de eenmalige kosten. Bij een opname van €30.000 kunnen die oplopen tot €2.500, bijna 8 procent van het opgenomen bedrag. Verwer die in uw berekening.

Voorbeeldrekening per route

Stel: uw woning is €400.000 waard en uw hypotheek is €60.000. Uw bruto overwaarde is dan €340.000. De tabel toont wat u per route daadwerkelijk kunt gebruiken, na kosten en limieten.

  • Hypotheek verhogen

    Maximaal beschikbaar
    afhankelijk van inkomen
    Eenmalige kosten
    €1.000 tot €2.500
    Netto beschikbaar
    varieert
  • Opeethypotheek (65 jaar)

    Maximaal beschikbaar
    €80.000 tot €120.000
    Eenmalige kosten
    €2.500 tot €4.000
    Netto beschikbaar
    €76.000 tot €117.500
  • Verkopen en terughuren

    Maximaal beschikbaar
    €280.000 tot €360.000
    Eenmalige kosten
    €4.000 tot €8.000
    Netto beschikbaar
    €272.000 tot €356.000
  • Kleiner wonen

    Maximaal beschikbaar
    €100.000 tot €200.000
    Eenmalige kosten
    €10.000 tot €15.000
    Netto beschikbaar
    €85.000 tot €190.000

Indicatieve bedragen bij een woning van €400.000 met €60.000 hypotheek. De hypotheekverhoging hangt volledig af van uw inkomen.

Hoe betrouwbaar is uw waardeschatting?

De uitkomst van uw berekening staat of valt met de waarde die u invult. De WOZ-waarde loopt achter op de markt: die is gebaseerd op de peildatum van 1 januari van het voorgaande jaar. In een stijgende markt is uw woning dus vaak meer waard dan de WOZ-beschikking aangeeft, in een dalende markt juist minder.

Online waardebepalingen van makelaars en woningsites geven een indicatie op basis van vergelijkbare verkopen. Ze houden geen rekening met de staat van onderhoud, de indeling of een recente verbouwing. Reken op een marge van 5 tot 10 procent naar boven en naar beneden.

Voor een aanvraag heeft u vrijwel altijd een gevalideerd taxatierapport nodig. Dat kost € 500 tot € 800 en is meestal zes maanden geldig. Laat de taxateur weten welke verbeteringen u heeft aangebracht; dat kan enkele duizenden euro's schelen.

  • WOZ-beschikking

    Kosten
    gratis
    Nauwkeurigheid
    loopt achter op de markt
    Bruikbaar voor aanvraag
    nee
  • Online waardecheck

    Kosten
    gratis
    Nauwkeurigheid
    marge 5 tot 10 procent
    Bruikbaar voor aanvraag
    nee
  • Makelaar ter plaatse

    Kosten
    gratis tot € 250
    Nauwkeurigheid
    goed
    Bruikbaar voor aanvraag
    meestal niet
  • Gevalideerde taxatie

    Kosten
    € 500 tot € 800
    Nauwkeurigheid
    hoog
    Bruikbaar voor aanvraag
    ja
Veelgemaakte rekenfouten

In de praktijk gaat het vaak op dezelfde punten mis. Loop deze lijst na voordat u conclusies trekt uit uw eigen som.

  • De WOZ-waarde gebruiken als marktwaarde, terwijl die op een oudere peildatum is gebaseerd.
  • De volledige overwaarde als besteedbaar zien, terwijl elke route een maximum kent.
  • De kosten van advies, taxatie en notaris vergeten, samen € 2.500 tot € 4.500.
  • Een eventuele boeterente niet meerekenen bij het oversluiten van de bestaande hypotheek.
  • Bij verkoopconstructies rekenen met de volle marktwaarde in plaats van de 70 tot 90 procent die u werkelijk ontvangt.
  • Vergeten dat de opbrengst op 1 januari meetelt als vermogen in box 3 en toeslagen kan raken.
Wanneer schakelt u een belastingadviseur in?

Bij bedragen boven ongeveer € 50.000, bij een schenking aan kinderen of bij een verkoopconstructie met woonrecht is de fiscale uitwerking zelden standaard. Een adviseur rekent dan door wat het effect is op box 3, uw toeslagen en de eigen bijdrage Wlz over meerdere jaren.

Voor eenvoudige situaties kunt u zelf ver komen met de rekenhulpen van de Belastingdienst en het Nibud. Twijfelt u, dan is een eenmalig consult van een paar honderd euro vaak goedkoper dan een misgelopen toeslag.

Neem naar dat gesprek altijd drie stukken mee: de meest recente aangifte inkomstenbelasting, een overzicht van uw vermogen op 1 januari en de offerte of het conceptcontract van de aanbieder. Vraag de adviseur om de uitkomst voor dit jaar én voor over vijf jaar door te rekenen, want de peildatum en de vrijstellingen in box 3 wijzigen regelmatig.

Welke waarde gebruikt u in de berekening?

Overwaarde is marktwaarde min hypotheekschuld. De uitkomst staat of valt met de waarde die u invult, en daar gaat het vaak mis. De WOZ-waarde is een gemeentelijke inschatting per 1 januari van het voorgaande jaar en loopt in een stijgende markt achter; in een dalende markt loopt hij juist voor.

Een geldverstrekker rekent met een taxatierapport, opgesteld door een gecertificeerd taxateur. Een verkoper rekent met de prijs die een koper wil betalen. Voor uw eigen inschatting kunt u het beste kijken naar recent verkochte, vergelijkbare woningen in uw straat of wijk.

  • WOZ-waarde

    Waarvoor
    gemeentelijke heffingen
    Afwijking van de marktwaarde
    vaak 5 tot 15 % lager
  • Taxatiewaarde

    Waarvoor
    hypotheek en lening
    Afwijking van de marktwaarde
    gelijk aan marktwaarde
  • Vraagprijs

    Waarvoor
    verkoop
    Afwijking van de marktwaarde
    meestal iets hoger
  • Bod van een opkoper

    Waarvoor
    verkoop met terughuur
    Afwijking van de marktwaarde
    10 tot 30 % lager
  • Executiewaarde

    Waarvoor
    gedwongen verkoop
    Afwijking van de marktwaarde
    10 tot 20 % lager
Rekenvoorbeeld met en zonder verkoopkosten

Stel: uw woning is € 420.000 waard en er rust nog € 62.000 hypotheek op. Uw bruto overwaarde is dan € 358.000. Dat is het bedrag dat in de meeste rekenmachines verschijnt.

Verkoopt u werkelijk, dan komen daar kosten bij: makelaarscourtage van ongeveer 1,3 procent, dus € 5.460, plus notaris- en aktekosten van ongeveer € 800. Mogelijk betaalt u boeterente als u midden in een rentevaste periode zit. Netto houdt u dan ongeveer € 351.700 over.

Verkoopt u aan een opkoper tegen 80 procent van de marktwaarde, dan ontvangt u € 336.000 en houdt u na aflossing € 274.000 over. Het verschil met een vrije verkoop is in dit voorbeeld € 77.700.

  • Vrije verkoop, € 420.000

    Opbrengst
    € 420.000
    Na aflossing en kosten
    € 351.700
  • Bod 90 procent

    Opbrengst
    € 378.000
    Na aflossing en kosten
    € 315.700
  • Bod 80 procent

    Opbrengst
    € 336.000
    Na aflossing en kosten
    € 274.000
  • Bod 70 procent

    Opbrengst
    € 294.000
    Na aflossing en kosten
    € 232.000
Overwaarde is niet hetzelfde als opneembaar bedrag

Dit is het punt waarop de meeste verwachtingen sneuvelen. Uw overwaarde kan € 358.000 zijn terwijl u er € 120.000 van kunt opnemen. Een geldverstrekker houdt een buffer aan voor waardedaling, langere woonduur en renteschommelingen.

Alleen bij verkoop komt de volle waarde vrij, en dan verliest u het eigendom. Bepaal daarom altijd twee getallen naast elkaar: uw overwaarde en uw realistische opneembare bedrag. Het tweede getal is het getal waarmee u plannen maakt.

Veelgestelde vragen

Is de WOZ-waarde bruikbaar om overwaarde te berekenen?

Als eerste indicatie wel. De WOZ-waarde heeft een peildatum van 1 januari van het voorgaande jaar en kan daardoor flink afwijken van de actuele marktwaarde.

Telt een aflossingsvrije hypotheek mee?

Ja, de volledige openstaande hoofdsom telt mee, ook al lost u er niets op af. Bij een krediethypotheek telt alleen het opgenomen deel als schuld, maar geldverstrekkers rekenen vaak met de volledige limiet.

Hoeveel overwaarde heb ik nodig om te kunnen opnemen?

Voor een opeethypotheek hanteren aanbieders meestal een ondergrens van €25.000 tot €50.000 opname en een woningwaarde vanaf ongeveer €150.000. Onder die grenzen wegen de eenmalige kosten niet meer op tegen het bedrag.

Kan ik overwaarde berekenen zonder taxatie?

Voor een eerste indicatie wel, op basis van de WOZ-waarde of een online waardeberekening. Voor een gesprek met een geldverstrekker heeft u meestal een taxatie nodig.

Wat is het verschil tussen bruto en netto overwaarde?

Bruto overwaarde is woningwaarde min hypotheekschuld. Netto overwaarde is wat er overblijft na aftrek van verkoop- of opnamekosten, zoals taxatie, notaris en courtage.

Telt een tweede hypotheek mee bij de berekening?

Ja. Een tweede hypotheek of krediethypotheek telt volledig mee als schuld, ook als u er nog niets van heeft opgenomen. Geldverstrekkers rekenen vaak met de volledige limiet.

Hoe vaak verandert mijn overwaarde?

De woningwaarde verandert mee met de markt. De hypotheekschuld daalt alleen als u aflost. Bij een aflossingsvrije hypotheek verandert de schuld niet, tenzij u extra aflost.

Kan ik overwaarde opnemen als mijn huis onder water staat?

Nee. Als de hypotheekschuld hoger is dan de woningwaarde, is er geen overwaarde om op te nemen. U moet dan eerst aflossen of wachten tot de waarde stijgt.

Hoe bereken ik mijn overwaarde?

Neem de marktwaarde van uw woning en trek daar de openstaande hypotheekschuld van af. Wilt u de netto opbrengst weten, trek dan ook de verkoopkosten eraf.

Mag ik de WOZ-waarde gebruiken?

Voor een ruwe indicatie wel, maar reken op een afwijking van 5 tot 15 procent. Geldverstrekkers accepteren de WOZ-waarde meestal niet.

Telt een erfpachtcanon mee?

Ja. Bij erfpacht ligt de marktwaarde lager dan bij volledig eigendom, en geldverstrekkers rekenen met een correctie op basis van de resterende looptijd.

Wat als ik samen met mijn partner eigenaar ben?

De overwaarde is dan gezamenlijk. Voor box 3 verdeelt u het vermogen; het heffingsvrij vermogen telt per persoon en is samen € 115.368.

Verder lezen

Controle en bronnen

Laatst gecontroleerd op door Mark Glas. Onze werkwijze staat op de methodepagina.

Terug naar de kennisbank